Overslaan en naar de inhoud gaan

Een diverse samenleving is een rijke samenleving

In gesprek met Dimi Haezebrouck en Jeroen Marijsse | 27 augustus 2019

De twee heren die samen aan tafel zitten zijn verbonden in hun wortels. Jeroen Marijsse startte rond de eeuwwisseling met De Stroom in Kortrijk. De Stroom biedt mensen met een beperking trajecten in vrijetijdsbegeleiding aan. Vandaag tekent Jeroen bij Toerisme Vlaanderen mee het beleid uit van Iedereen Verdient Vakantie. Er vallen hem daarbij om de haverklap verwonderingen te beurt.

‘Ik zit vandaag nog steeds op mijn eerste job,’ zegt Dimi Haezebrouck glunderend. Hij noemt het een groot geluk dat hij vanuit zijn passie als vrijwillige jeugdwerker een job heeft kunnen uitbouwen bij Oranje vzw. De organisatie is er voor mensen met een beperking en vrijetijdsbesteding. ‘Maar ook voor de samenleving waarin mensen met een beperking leven, werken en ontspannen,’ benadrukt hij.

We rollen in een gesprek over een nieuwe wereld waarin diversiteit een troef is en verhalen volop rijkdom brengen. Een wereld met kersentaarten.

Duurzame trajecten

Dimi vindt het fijn om met Oranje op twee sporen te werken. ‘We ontwikkelen een eigen aanbod met sport en spelactiviteiten, reizen en kampen, maar dat is niet het enige wat we doen.’ Hij legt uit dat Oranje ook voluit inzet op het ondersteunen van sportclubs, cultuurverenigingen en reiskantoren. ‘Zodat zij van hun kant aan de slag kunnen met de mensen waarmee wij werken.’ Daarnaast is Oranje ook bezig met ook individuele vrijetijdstrajectbemiddeling. ‘Dat wil zeggen: unieke dromen van mensen ondersteunen. Iemand wil graag willen boogschieten? Wij gaan in de omgeving op zoek naar een boogschuttersclub om die droom waar te maken.’ Dimi legt uit dat er ook telkens naar een buddy wordt gezocht, zodat Oranje op termijn niet moet blijven ondersteunen. ‘Zo ontstaat er een duurzaam verhaal.’ 

Inleving

Op de website van Oranje is te lezen: wij werken voor mensen met een beperking en mensen met een vermoeden van een beperking. ‘Dat heeft te maken met de diverse groep van mensen waarmee wij werken,’ zegt Dimi. Hij legt uit dat er verschillende subgroepen zijn. Een deel van de mensen identificeert zich als personen met een beperking en staan open voor hulp. ‘Maar er zijn ook heel wat mensen die op het snijvlak tussen kansengroepen zitten. Sommigen zijn bijvoorbeeld te kwetsbaar om zich in het verenigingsleven staande te houden maar voelen zich ook niet thuis onder het label van een beperking.’ Als Dimi bijvoorbeeld in een maatwerkbedrijf binnenkomt, voelen velen zich totaal niet aangesproken. ‘Denk er maar even over na,’ zegt hij, ‘een persoon met een niet-aangeboren hersenletsel, dat kan jijzelf zijn die straks een auto-ongeluk meemaakt en niet meer functioneert als voordien. Je zal zorg nodig hebben voor de rest van je leven maar je hebt niet per se zin om op reis te gaan met iemand met een verstandelijke beperking.’ Vandaar dat Dimi en zijn collega’s in de praktijk werken met twee logo’s en aparte folders. ‘Oranje is expliciet gericht op mensen met een beperking. Vrijetijdspunt staat voor onbeperkt genieten en laat ons toe om mensen te bereiken die steun nodig hebben om hun vrijetijdswensen ingevuld te zien. Dat kunnen dus ook mensen zijn die een achtergrond hebben in geestelijke gezondheidszorg of armoede.’

Deuren openen

Als het gaat over mensen met een achtergrond in armoede is er sprake van een heel gelijkaardig verhaal, merkt Jeroen op. ‘Ook daar zijn er mensen die zich het label armoede aanmeten waardoor er deuren voor hulp opengaan en er mogelijkheden zijn. Bijvoorbeeld om via Iedereen Verdient Vakantie op verlof te gaan. Maar er is ook een grote groep van mensen die zich niet willen identificeren met dat label en daardoor tussen schip en wal vallen.’ Jeroen legt uit dat veel van deze mensen in een soort van continue overlevingsmodus zitten. Vakantie is voor hen een luxe-thema waar ze niet aan toe komen. ‘Nochtans ben ik er van overtuigd dat vakantie voor hen een ongelooflijk verschil kan maken,’ zegt hij, ‘even op adem kunnen komen maakt dat je weer op een andere manier vooruit kan in je leven.’

De wereld is veranderd

Jeroen werkte de voorbije jaren samen met heel wat partners aan een transitieverhaal voor sociaal toerisme. Hij legt uit waarom een transitie nodig was. ‘We zien de wereld volop veranderen. Vroeger was de grootste zorg van de overheid: de bakstenen. Zijn de verblijven in orde? Los daarvan waren er een paar beperkte subsidies voor organisaties die vakantie mogelijk maakten voor mensen in armoede.’

“Inzetten op diversiteit is niet soms een meerwaarde, dat is het altijd.”

Dimi Haezebrouck

Maar Jeroen en zijn collega’s stelden vast dat, sinds het decreet voor sociaal toerisme in de jaren 1990 voor het eerst in voege kwam, de wereld niet meer dezelfde is. Zo is er de globalisering van toerisme bijvoorbeeld. ‘Vandaag zijn er touroperators op de markt die aan hele lage prijzen vakantie aanbieden. Doelgroepen verschuiven en nieuwe drempels dienen zich aan.’

Hoe kan ik als ondernemer bijdragen aan de samenleving

Nog een trend die kon worden vastgesteld is dat er vandaag heel wat spelers zijn die vanuit maatschappelijk verantwoord ondernemen in de wereld staan. ‘Zij vragen zich af: wat kunnen wij betekenen voor mensen die het minder makkelijk hebben? Zij willen via ondersteunende projecten een stukje van hun winst teruggeven aan de samenleving.’ Jeroen legt uit dat van daaruit het idee groeide om te evolueren naar één speelveld waarbinnen al die spelers zich kunnen bewegen. ‘Een van de resultaten van het transitietraject is het volgende inzicht: sociaal toerisme is een continuüm. Van hotels die korting geven op een paar kamers, tot spelers die voluit inzetten op maatschappelijk verantwoord ondernemen.’

Dimi pikt in. ‘Inzetten op diversiteit biedt volop kansen. Wij spreken in onze sector van de zeven B’s van toegankelijkheid: het moet betaalbaar zijn, bruikbaar, beschikbaar, bereikbaar, begrijpbaar, bekend en betrouwbaar. De drempels die iemand met een beperking ervaart en de drempels die iemand in armoede ervaart zijn vaak dezelfde,’ zegt Dimi. Ook naar de uitwerking toe ziet hij parallellen. ‘Neem nu begrijpbaarheid. Op vlak van communicatie wil dat zeggen: maak korte duidelijke zinnen. Dat is interessant voor mensen met een beperking en evenzeer is het dankbaar voor mensen met een achtergrond in armoede.’

Kersentaart

Dimi en zijn collega’s ondervonden dat je verenigingen best aanspreekt vanuit een centraal punt, om op die manier te vermijden dat er een soort van “diversiteitsmoeheid” optreedt. ‘Het is geen goed idee om spelers de ene week te benaderen vanuit een organisatie voor mensen met een beperking en de week erna vanuit mensen met een achtergrond in armoede of geestelijke gezondheidszorg.’

Jongeren van Oranje vzw
Op kamp met Oranje vzw

 

Dimi legt uit dat organisaties makkelijk in de verleiding komen om zich terug te plooien op hun kernopdracht. Diversiteit komt dan pas op het einde in het plaatje, als extraatje. ‘Pas als alle randvoorwaarden zijn vervuld wordt er naar diversiteit gekeken, als kers op de taart. Wat wij voorstellen is om kersentaarten te bakken’, zegt Dimi, alweer glunderend. ‘De kersen zijn de basisingrediënten. Zorg ervoor dat diversiteitsdenken en participatiedrempels worden meegenomen van in het begin.’ Hij schiet vol vuur. ‘Er moet actief worden ingezet op inclusie en participatie. Vandaag is het zo dat de mensen met de minste mogelijkheden de grootste drempels moeten overwinnen. Dat klopt niet.’

Een huis met transparante muren

Vertrekken dus vanuit een diverse samenleving in plaats van speciale vakjes bouwen voor kansengroepen? Dimi knikt en Jeroen treedt hem bij. ‘Architecten spreken over “universal design”. Hoe zorgen we ervoor dat iemand over het muurtje kan kijken? In de gewone aanpak zal men bepaalde mensen extra trapjes bieden zodat ze over het muurtje kunnen kijken. Maar je kan er ook voor zorgen dat het muurtje zelf doorzichtig wordt. Zo heeft niemand een probleem om er door te kijken.’ Jeroen loopt warm voor deze aanpak en hij ziet nog veel werk liggen. ‘Onlangs zat ik samen met een aantal museumdirecteurs. Zij hadden het gevoel dat ze al voldoende deden voor mensen die drempels ervaren omdat ze een lage toegangskost konden voorleggen. Maar er zijn natuurlijk ook heel wat andere drempels.’

Dimi knikt. ‘Toegankelijkheid wordt vaak gelijk gezet met de euro. En ja: het financiële is een belangrijke drempel maar voor mensen met een beperking maar er zijn er nog andere drempels.’ Dimi legt uit dat er wel degelijk een verband bestaat tussen mensen met een beperking en mensen die leven in armoede. Door je beperking heb je immers vaak minder kansen op de arbeidsmarkt en is de kans dat je in armoede terechtkomt groter. ‘Maar het is niet zo dat de meerderheid van mensen met een beperking leven in armoede.’ Een minstens even belangrijke drempel is die van de informatie. ‘De communicatie is vaak helemaal niet afgestemd op een divers publiek. Ga je als organisatie je aanbod actief aanbieden aan kansengroepen? Nodig je hen uit om eens achter de schermen te komen kijken?’

Inclusie is fundamenteel

Het vuur van Dimi laait op als het gaat over kansen geven aan mensen met een beperking. ‘Als je vandaag iemand zou weigeren in een sportclub op basis van zijn huidskleur, dan noemen we dat plat racisme en vinden we dat onaanvaardbaar. Maar mensen weigeren op basis van een handicap, dat lijkt wel te kunnen. Want we zijn nog niet klaar voor inclusie, we hebben niet de draagkracht om de nodige omkadering te doen, etc. Maar inclusie is geen extraatje, het is juist fundamenteel.’ Dimi stelt dat er soms omstandigheden zijn waarin het niet makkelijk is om de nodige ingrepen te doen. Een jeugdclub op de derde verdieping die geen middelen heeft om een lift te installeren bijvoorbeeld. ‘Maar in de meeste gevallen is er met een beetje goede wil ontzettend veel mogelijk. Het is een mindset. Kijk eens naar de communicatie op je website. Zijn de teksten zo geformuleerd dat iemand met een handicap zich welkom voelt? Ben je uitnodigend naar verschillende groepen? Deze dingen met een open geest bekijken, zal trouwens je volledige werking ten goede komen. Het is een winwin! Werken aan diversiteit is werken aan kwaliteit.’

Met een klein beetje hulp

Jeroen ziet nog een magische tool: vertrekken vanuit de sterktes van iemand in plaats van te focussen op de beperkingen. Er schiet hem een concrete situatie te binnen uit zijn vorige werksituatie. Er was een jongeman met een geestelijke beperking die dolgraag wou klimmen. ‘Ik dacht: dat moet te organiseren zijn. Ik ging langs bij verschillende klimorganisaties. Als ik uitlegde dat het ging over iemand met een handicap weerklonk er al meteen gezucht en gezeur. Maar als ik vertelde over iemand met een grote passie voor klimmen die een klein beetje extra ondersteuning nodig had, was het al meteen een heel ander verhaal.’ Jeroen vertelt dat in diezelfde klimorganisatie een groep mensen met een mentale beperking en autisme intussen deel uitmaken van het clubgebeuren. ‘En als de warmste week eraan komt is het voor iedereen kristalhelder dat er een actie zal worden opgezet om mensen met een beperking te ondersteunen.’ Er werd een ‘Climb for life’ ingericht en daar waren veel mensen bij betrokken, vertelt Jeroen. ‘Dat is echt bijzonder want op die manier ontstaat er een dynamiek die veel ruimer gaat dan enkel de doelgroep en de directe betrokkenen. Mensen uit allerlei delen van de samenleving zijn dan plots aan het samenwerken om mensen met een handicap een vrijetijdsbeleving te gunnen.’

Jongeren van Oranje vzw
 

‘En dan verdwijnt de focus op de beperking,’ vult Dimi. ‘Dat is waar we moeten geraken!’

Voetnoot

Dimi denkt zelf ook nog aan een concreet voorbeeld. Iemand met een beperking wou toetreden tot een wielerclub. Hij legde de eerste contacten. ‘Je ziet meteen de horror verschijnen op de gezichten: o nee, toch niet iemand met een beperking in onze wielerclub?’ Er kwam toch een opening en de jongeman in kwestie ging een keer of drie mee fietsen. Op een zeker moment kon Dimi een kanteling in de geesten vaststellen. ‘Dan zeiden de mensen van de wielerclub: tja, dat is gewoon Jeffrey. Die moet je niet bereiken per mail maar die bel je op. Of: je vraagt Jeffrey niet om daar of daar te zijn, je gaat ‘m gewoon oppikken thuis.’ De beperking is in het verhaal een voetnoot geworden.

Vakantie als hefboom

De zomer is altijd een bijzondere periode. Hoogdagen zijn het, zowel voor Dimi als voor Jeroen. ‘Ik ben doorheen het jaar vooral strategisch en beleidsmatig bezig,’ zegt Dimi, ‘maar als er zomerkampen vertrekken, zorg ik altijd dat ik in de buurt ben. Dan weet ik weer waarvoor we elke dag in touw zijn.’ Hij vertelt met een glimlach hoe het patroon altijd een beetje hetzelfde is. De reis vertrekt om tien uur maar de meeste deelnemers zijn er al om acht uur. Vol enthousiasme! Maandenlang hebben ze uitgekeken naar de reis en dan is het zover. ‘De beleving van onze doelgroep is zoveel intenser en spontaner dan die van andere reizigers,’ zegt Dimi. ‘Overal klinken er kreetjes en zijn er zwaaiende armen te zien. Het afscheid is meestal emotioneel en het is ook vaak het begin van een vakantie voor de ouders.’ Doordat de kinderen op vakantie gaan breng je zuurstof in het ganse familiesysteem? Dimi beaamt: ‘Vrije tijd en vakantie mogelijk maken voor mensen met een beperking is enorm gezinsondersteunend en is in die zin een hefboom zowel voor de persoon met een beperking  zelf als voor het netwerk waar die persoon in zit.’

Reisverhalen delen om verbinding te maken

Jeroen merkt op dat er nog iets belangrijks gebeurt als kinderen met een beperking op vakantie gaan: de ouders zijn trots. ‘Mijn zoon of dochter gaat ook op vakantie.’ Dimi vult aan. ‘Ook voor volwassenen met een beperking is dit trouwens erg belangrijk. Stel je voor: je staat op een receptie met mensen die je nog niet kent, waar heb je het dan over? Wat doe je van werk? Heb je een gezin? Wat doe je in je vrije tijd? Laten dit nu stuk voor stuk zaken zijn die voor mensen met een beperking vaak niet evident zijn. Uit vrijetijdsbesteding wordt heel veel identificatie uitgehaald voor mensen met een beperking. In ons lokaal café is er iemand die een uurtje per maand plaatjes draait, maar voor hem is dat iets waar hij kan mee uitpakken: ik ben dj.’

“Pas als alle randvoorwaarden vervuld zijn wordt er naar diversiteit gekeken, als kers op de taart. Wat wij voorstellen is om kersentaarten te bakken.”

Dimi Haezebrouck

‘Ook met reizen is dat zo,’ zegt Jeroen. ‘Als je op reis bent geweest, heb je iets te vertellen achteraf.’ Reizen kan mensen helpen om deel te nemen aan de samenleving. ‘Ik denk soms zelfs dat vrije tijd en vakantie meer kansen voor inclusie biedt dan arbeid en wonen. Precies omdat reizen vaak vertrekt vanuit een diepe passie van mensen. Dat is een goed vertrekpunt om connectie te maken met anderen.’

Samen verwonderd zijn

Als ik aan Jeroen vraag welk project hem verwondering heeft gebracht moet hij denken aan een theatertraject waar hij deel van was. Een project rond de Vlaamse Meesters. ‘Op basis van drie werken van Rubens maakten we korte theaterstukjes. We deden dat met een aantal vakantiegangers uit het netwerk. Dat waren zowel mensen met een beperking als nieuwkomers als mensen met een armoedeverhaal.’ Jeroen lacht. ‘Nu heb ik werkelijk geen enkele passie voor de Vlaamse meesters maar wel voor theater. Wat erg fijn was, was dat ik op dezelfde startlijn stond als de andere deelnemers. We hebben dus samen Rubens ontdekt. Wie hij was, hoe hij leefde, hoe zijn werken eruit zien. We hebben ons samen verwonderd over dingen. Het was niet zoals bij een museumbezoek waarbij er dingen worden voorbereid en een gids uitleg geeft. Nee, we spraken gewoonweg met elkaar bij een schilderij. Wat zie jij daarin? Welk gevoel geeft het je?’ Jeroen denkt eraan terug met een glimlach. ‘Intussen weet ik niet meer in welk jaar Rubens geboren werd maar ik weet wel dat we met een groepje het ganse museum af zochten naar een schilderij waar een eendenjager op stond! Want dat was belangrijk voor het stukje dat we wilden maken.’

Met de voeten in het water

Ook Dimi deelt graag een situatie die hem ontroerde. ‘Een groep van mensen met een beperking ging op stap met een aantal van onze vrijwilligers. Ze gingen naar zee.’ Dimi vertelt hoe er die dag toevallig een collega van hem op hetzelfde stuk strand zat, samen met zijn gezin. Hij herkende de vrijwilligers aan hun T-shirt van Oranje. ‘Er was een jongeman bij die dolgraag het water wou voelen maar dat bleek niet mogelijk. De zee was te ver weg, de afstand was niet te overbruggen met de rolstoel. Wat deden die vrijwilligers? Ze besloten de jongen met rolstoel en al naar het water te dragen. Een helse tocht door het mulle zand was het. Maar de jongen was euforisch gelukkig toen hij met zijn voeten in het water kon plenzen. Dat ontroerde mij omdat er zoveel passie vanaf stroomt. Die jongen wil de zee voelen? Wij brengen hem naar zee!’

Verhalen zichtbaar maken

We ronden het gesprek af. Jeroen wil nog iets kwijt. ‘Als je vandaag kijkt naar de verhalen in de media lijkt het soms alsof er niet veel verbinding of warmte is in onze samenleving. Maar volgens mij klopt dat beeld niet.’ Jeroen vertelt dat er volgens hem net heel veel wordt mogelijk gemaakt door talrijke vrijwilligers en organisaties. Alleen krijgen die mensen niet altijd een stem en blijven hun verhalen daarom vaak onzichtbaar. ‘Ik denk trouwens dat er nog veel meer mensen rondlopen die willen helpen om vrije tijd of vakantie voor anderen mogelijk te maken,’ zegt Jeroen. ‘We moeten daarom blijven verhalen vertellen aan elkaar zodat de ontroerende ontmoetingen en wonderlijke eerste keren zichtbaar worden en als brandstof kunnen dienen voor weer nieuwe verhalen.’

Dimi is het daar helemaal mee eens. ‘Uit ervaring weet ik dat werken in diversiteit een meerwaarde is. Het is niet zo dat inzetten op diversiteit soms eens een meerwaarde is. Dat is het altijd. Ik ben ervan overtuigd dat dat op een dag zichtbaar zal zijn voor iedereen. Vandaag zijn er al veel stappen gezet op het vlak van sensibiliseren. Nu is het moment aangebroken om nog meer op het niveau van de actie te geraken. Ik ben het eens met Jeroen dat krachtige verhalen daar een belangrijke motor kunnen voor zijn.’

 

Foto's in het artikel: Oranje vzw
Foto header: Pixabay

Jeroen Marijsse en Dimi Haezebrouck

In gesprek met

Dimi Haezebrouck is coördinator van Oranje, een vzw die vrijetijdstrajecten ondersteunt voor mensen met een beperking of een vermoeden van een beperking. Met een kernteam en een kleine vijfhonderd vrijwilligers is Oranje actief in Noord West-Vlaanderen en het Meetjesland.

Jeroen Marijsse was vijftien jaar lang de drijvende kracht achter De Stroom in Kortrijk, een organisatie die mensen met een beperking ondersteunt met vrijetijdstrajecten. Sinds vijf jaar is hij verbonden aan Iedereen Verdient Vakantie. Samen kansen creëren zodat alle mensen kunnen deel uitmaken van een samenleving is zijn grote drijfveer.

Dit verhaal werd gepubliceerd op 27 augustus 2019 in de categorie Vakantie.

Eva De Groote

Neergepend door

Eva De Groote dwaalt nieuwsgierig rond om mensen te ontmoeten en kleine verwonderingen in woorden te vatten. Met een voorgeschiedenis als organisator in de kunsten is ze vandaag onafhankelijk aan de slag als romanschrijver en verhalenvinder. 

Copyright © 2019 Steunpunt vakantieparticipatie | Disclaimer | Privacy |